zondag, 24 september, 2017
Tags Berichten getagd in "ouderen"

ouderen

Ontwikkeling meetinstrument voor verantwoord antibioticagebruik

Bijna alle ouderen ondervinden veel praktische problemen bij het gebruik van geneesmiddelen. Bijvoorbeeld bij het lezen van de bijsluiter, gebruik van de verpakking, het klaar maken voor gebruik of het innemen van medicijnen. Hierdoor kan incorrect gebruik van geneesmiddelen ontstaan en dat kan klinische gevolgen hebben. Dat blijkt uit onderzoek van het RIVM in samenwerking met de Universiteit Utrecht.

Praktische problemen bij het gebruik van medicijnen kunnen het gevolg zijn van fysieke beperkingen, zoals een beperkt gezichtsvermogen, moeite met slikken, verminderde kracht in de handen of verminderde fijne motoriek. Het RIVM en de UU onderzochten welke praktische problemen ouderen (70+) ervaren bij het gebruik van geneesmiddelen in de thuissituatie en hoe zij deze problemen vervolgens proberen op te lossen. Ook werd gekeken of deze problemen en oplossingen klinische gevolgen kunnen hebben.

Problemen en oplossingen bij gebruik geneesmiddelen

Bijna alle deelnemers (95 procent) aan het onderzoek ondervonden minstens één praktisch probleem bij het geneesmiddelgebruik. De 59 deelnemers meldden in totaal 211 problemen. Het gaat daarbij om problemen met het lezen en begrijpen van de bijsluiter (53 keer), de buitenverpakking (19 keer), de binnenverpakking (73 keer), het voor toediening gereed maken (38 keer) en de daadwerkelijke inname van het geneesmiddel (28 keer). In totaal werden 184 oplossingen gemeld, zoals het verlagen of overslaan van een dosis, gebruik van een schaar of mes bij de verpakking, het innemen van ongelijke delen tablet of innemen met warm water of yoghurt.

Mogelijke klinische gevolgen

Voor tien deelnemers werd voor ten minste één van hun problemen verwacht dat dit zou kunnen leiden tot matige of ernstige klinische achteruitgang of ongemak. Bijvoorbeeld het onbedoeld breken of verkruimelen van een tablet. Hierdoor krijgt men soms niet genoeg van het geneesmiddel binnen. Zo liep een patiënt die een middel gebruikte voor de behandeling van diabetes, door het gebruik van stukjes tablet in plaats van een hele, een risico op schommelingen in het bloedsuikergehalte. De meeste problemen (95 procent) werden niet gezien als klinisch relevant, maar zijn wel hinderlijk.

Aanbevelingen

Zorgverleners kunnen bij het voorschrijven en verstrekken van medicatie aan ouderen meer aandacht besteden aan praktische problemen. Omdat patiënten zelden spontaan deze problemen melden, zouden apothekers hier proactief naar kunnen informeren. Zij kunnen dan met de patiënt zoeken naar een geschikter geneesmiddel, bijvoorbeeld een tablet met een zodanige doseringssterkte dat het niet gebroken hoeft te worden, een doseringsvorm die minder slikproblemen oplevert, of het geneesmiddel overdoen in een meer gebruiksvriendelijke verpakking.

Meer kans op hart- en vaatziekten bij ouderen die slechter kunnen denken

Ouderen die slechter kunnen redeneren, plannen en problemen oplossen, lopen veel meer kans op een hartinfarct en beroerte. Een verklaring voor dit verband is dat hun bloedvaten van minder goede kwaliteit zijn, waardoor ook hun hogere hersenfuncties worden aangetast. Dat schrijven LUMC-onderzoekers in Neurology.

De bijna vierduizend 70-plussers die meededen aan het onderzoek werden getest op hun vaardigheden in planning, probleemoplossing en redeneren: de zogenoemde executieve functies. De deelnemers werden hierna drie jaar gevolgd. In deze periode kregen 176 van de 1.308 mensen die het slechtst hadden gescoord een hartinfarct. Onder de 1.309 mensen met de beste executieve functies kwamen maar 93 hartinfarcten voor.

Mogelijk ongezondere keuzes

“Ouderen met slechte executieve functies hebben dus 85 procent meer kans op een hartinfarct”, aldus dr. Behnam Sabayan, onderzoeker op de afdelingen radiologie en ouderengeneeskunde van het LUMC. Ook de kans op een beroerte was 51 procent hoger bij de groep met de zwakste executieve functies. “Mogelijk zorgt een slechte kwaliteit van de vaten zowel voor meer kans op hart- en vaatziekten als op slechtere hogere hersenfuncties. Wat ook kan meespelen is dat mensen met minder goede plannings- en beslisvermogens ongezondere keuzes maken en de adviezen van artsen minder goed opvolgen.”

Alert bij ouderen

De deelnemers hadden allen bij aanvang van de studie nog nooit een hartinfarct of beroerte gehad. Wel hadden ze al hart- en vaatziekten, of liepen hier een grotere kans op door diabetes, roken of een hoge bloeddruk. Ze waren niet dement en functioneerden goed in het dagelijks leven. “Intelligentie is vooral genetisch vastgelegd en redelijk stabiel gedurende het leven. De executieve functies gaan geleidelijk achteruit, bij de een sneller dan bij de ander. We zien nu dat zo’n snellere achteruitgang samen kan hangen met meer kans op hartinfarcten en beroertes. Het is goed om hier meer alert op te zijn bij ouderen”, aldus Sabayan.

Vaccinatie geeft minder longontsteking bij ouderen

Een vaccin tegen pneumokokken helpt om longontsteking te voorkomen bij 65-plussers.  Onderzoek onder bijna 85.000 Nederlanders laat zien dat het aantal ziekenhuisopnames vanwege ontsteking met deze bacterie met de helft daalt na vaccinatie. Onderzoekers van het UMC Utrecht publiceren deze resultaten vandaag in het New England Journal of Medicine, in samenwerking met Pfizer.  In de Verenigde Staten is inmiddels een richtlijn opgesteld die adviseert om alle ouderen het vaccin aan te bieden.

In de ‘Community-acquired pneumonia immunization Trial in Adults’, kortweg CAPiTA, bestudeerden de Utrechtse onderzoekers het effect van het vaccin PCV13. Dit vaccin is gericht tegen dertien varianten van Streptococcus pneumoniae, de belangrijkste verwekker van longontsteking.  Dat een dergelijk vaccin werkt bij kinderen is al langer bekend: sinds 2006 zit een pneumokokkenvaccin in het Rijksvaccinatieprogramma en worden alle zuigelingen ingeënt.  Of het middel ook ouderen bescherming biedt was tot nu toe niet bekend.

Om dit te onderzoeken kregen ruim 42.500 ouderen vanaf september 2008 tot eind januari 2010 het PCV13-vaccin. Evenveel anderen kregen een placebo. Gedurende vier jaar werd gekeken of de deelnemers zich met een longontsteking of met een invasieve pneumokokkeninfectie bij het ziekenhuis meldden.  De grootscheepse studie, waarbij ruim 2000 huisartsen en 59 ziekenhuizen betrokken waren, werd gecoördineerd door het UMC Utrecht en Julius Clinical, een spin-offbedrijf van het UMC Utrecht, in samenwerking met het farmaceutische bedrijf Pfizer, dat het vaccin ontwikkelde.

Langdurige bescherming tegen longontsteking

Tijdens het onderzoek werden 49 van de gevaccineerden opgenomen in een ziekenhuis vanwege een longontsteking door een type S. pneumoniae waarvoor het vaccin bescherming beoogt te bieden. Dat is 45 procent minder dan in de groep ouderen die het placebo kreeg: daar werden negentig patiënten opgenomen.  Het totaal aantal opnames vanwege longontsteking daalde met vijf procent; naast S. pneumoniae zijn er ook andere bacteriën en virussen die longontsteking veroorzaken. Marc Bonten, hoogleraar Moleculaire Epidemiologie van Infectieziekten van het UMC Utrecht en onderzoeksleider van de CAPiTA-studie: “Voor het eerst is nu aangetoond dat een vaccin longontsteking kan voorkomen bij ouderen. De bescherming van het vaccin houdt lang aan: in de vier jaar dat de studie liep, nam de effectiviteit niet af. Als alle 65-plusser PCV13 krijgen, zou dat in Nederland enkele honderden ziekhuisopnames per jaar schelen.”

Rijondersteuning kan oudere autobestuurder helpen

Oudere, ervaren automobilisten kunnen baat hebben bij systemen die tijdens het rijden verkeersinformatie aanbieden, de zogeheten advanced driver assistance systems (ADAS). Dat blijkt uit onderzoek dat Mandy Dotzauer deed in het Universitair Medisch Centrum Groningen. Bestuurders met ADAS waren minder vaak betrokken bij botsingen, staken kruisingen vlotter over en reden sneller dan bestuurders zonder ADAS. Voor oudere bestuurders met de ziekte van Parkinson lijkt een systeem dat alleen informatie geeft niet genoeg; zij lijken behoefte te hebben aan een systeem dat ook kan ingrijpen.

Bestuurders van 65 jaar en ouder hebben een groter risico om bij ongevallen betrokken te raken en daardoor gewond te raken of te overlijden. Vooral bij ongevallen op kruisingen zijn oudere bestuurders oververtegenwoordigd. Omdat zij vaak veel rijervaring hebben, zijn de problemen die ze ervaren bij het autorijden waarschijnlijk niet het gevolg van onvoldoende expertise, maar van visuele, cognitieve en motorische functiebeperkingen door veroudering en daarbij vaak optredende aandoeningen. Rijondersteuning kan er voor zorgen dat ouderen zo lang mogelijk onafhankelijk en veilig mobiel kunnen blijven.

Rijondersteuning in rijsimulator

Voor haar onderzoek liet Dotzauer achttien ervaren automobilisten tussen de 65 en 82 jaar over een periode van twee maanden meerdere malen naar het UMCG komen om in een rijsimulator ritten te maken; de experimentele groep met het ADAS, de controlegroep zonder. Het systeem dat werd gebruikt gaf via groene, oranje of rode balkjes geprojecteerd op de voorruit aan op welke momenten het veilig was om kruisingen over te steken. Het systeem had duidelijke effecten op het rijgedrag. Bestuurders met de beschikking over het systeem keken minder opzij, staken kruisingen vlotter over en reden sneller, en ze veroorzaakten minder botsingen dan de bestuurders zonder ADAS.

ADAS van invloed op rijgedrag

Dotzauer onderzocht daarnaast een groep oudere automobilisten met de ziekte van Parkinson. Ondanks de beperkingen in motorische en cognitieve functies die van belang zijn voor veilige verkeersdeelname heeft tachtig procent van de mensen met Parkinson een rijbewijs en rijdt zestig procent geregeld. Ook bij hen bleek het ADAS van invloed te zijn op het rijgedrag: de tijd om een kruising over te steken nam af, evenals het aantal keren dat ze stopten voor de kruising. Ook had het systeem effect op de snelheid: wanneer het systeem werd uitgezet, leidde dit tot een verandering in de rijsnelheid. Dit wijst er op dat ze de informatie van het systeem gebruikten bij het regelen van hun snelheid.

Niet genoeg voor bestuurders met ziekte van Parkinson

Dotzauer vermoedt echter dat voor deze groep mensen een systeem dat alleen informatie aanbiedt niet genoeg is om veilig te rijden. Door de combinatie van motorische en cognitieve beperkingen als gevolg van hun ziekte bleek dat het voor deze bestuurders lastig is om, ondanks de ondersteuning, veilig en vlot te blijven rijden. Zo kunnen ze moeite hebben om een eenmaal in gang gezette handelingen weer te onderbreken, lijkt het moeilijk om snelheid precies te regelen en het indrukken van het gaspedaal tijdig te onderbreken. Als compensatie voor dergelijke motorische beperkingen kan deze groep bestuurders behoefte hebben aan extra ondersteuning, zoals een systeem dat zelfstandig ingrijpt als er een acute aanrijding dreigt of het indrukken van het gaspedaal moeilijker maakt als de toegestane snelheid eenmaal is bereikt. Dankzij deze technische ontwikkelingen lijkt op maat gemaakte ondersteuning

Veel longontsteking en griep onder ouderen

Er zijn op dit moment veel mensen met een longontsteking, vooral veel 65-plussers. Dat blijkt uit cijfers van NIVEL Zorgregistraties eerste lijn. In de tweede week van 2015 registreerden de deelnemende huisartsen 86 mensen met een longontsteking op de 100.000 inwoners. Normaal ligt de piek – die elke winter optreedt – op zo’n zeventig mensen per 100.000.

Sinds zes weken heerst er een griepepidemie en de laatste weken melden zich naast de gebruikelijke groep jonge kinderen van onder de vijf jaar ook opvallend veel 65-plussers met griepverschijnselen bij de huisarts. Longontsteking is een bekende complicatie bij griep.

Ouderen met kwetsbare gezondheid

“Als een griep lang aanhoudt en de patiënt houdt koorts of krijgt opnieuw koorts met daarnaast kortademigheid of pijn bij het ademen, dan is het verstandig naar de huisarts te gaan. Dan is de kans groot dat de griep is uitgelopen op een longontsteking”, vertelt NIVEL-onderzoeker, huisarts en epidemioloog Gé Donker. “Bij de ouderen met longontsteking gaat het vaak om mensen die al een kwetsbare gezondheid hebben, mensen met bijvoorbeeld hart- of longaandoeningen, suikerziekte of reuma.”

NIVEL Zorgregistraties

De NIVEL Zorgregistraties eerste lijn maakt gebruik van gegevens die routinematig in de zorg worden verzameld bij verschillende eerstelijnsdisciplines. Onder meer bij 478 huisartspraktijken met ruim anderhalf miljoen ingeschreven patiënten. Een groot deel van deze praktijken leveren wekelijks gegevens over het vóórkomen van ziektes. Daarnaast rapporteren ook veertig praktijken, met 57 huisartsen, wekelijks over het vóórkomen van een aantal ziekten, gebeurtenissen en verrichtingen die in routine-registraties ontbreken en daarin niet gemakkelijk zijn op te nemen. Zij nemen ook monsters af voor laboratoriumonderzoek, bijvoorbeeld vanwege griep. (Bron NIVEL).

 

Dacht ik met 26 jaar doktertje spelen wel zo’n beetje alles te hebben gezien komt er toch weer wat nieuws voorbij. Twee voorbeelden dat het anders kan, twee voorbeelden van mensen die iets voor elkaar krijgen omdat ze er in geloven.

Ergens in Gouda wonen demente ouderen bij elkaar in een flat. Zonder de protocollen van een zorginstelling en zonder de pasjes die de tijd moeten scannen als verpleegkundigen de deur van een kamer in en uit gaan. Ze hebben een bakker, een huisarts en een aantal verzorgende die liefdevol de dag met hen besteden. Er is een grote algemene ruimte en het meest riant is het dakterras. Ik mocht eens aanschuiven tijdens de koffie en de beoogde visite was daarna niet meer noodzakelijk. Acht 80-plussers die waren vergeten waarom ze daar zaten in de zon. Zomaar met elkaar in gesprek. Alle zinnen in correct Nederlands, maar zonder enige samenhang. Ieder liet de ander uitpraten, maar geluisterd werd er niet. Ze genoten, ik genoot.

Ergens in Gouda wonen ook gezinnen samen met hun demente ouder van ver over de 80.  Meestal van Marokkaanse afkomst. Zij die anders zijn dan wij. Zeggen we. Ook zonder protocollen en zonder pasjes. Met bakker, huisarts en vol toewijding. Correct Nederlands, nee dat niet. Vergeten zijn ze, de woorden die nodig waren om in hun nieuwe land te overleven. Resteert slechts de zorg van hun familie die liefdevol de dag met hen besteden.

Door Peter Leusink, huisarts www.dehuisarts.info

Mantelzorgers halen veel voldoening uit de hulp die ze bieden maar ervaren ook een zware druk en veel zorgen. Zij hebben behoefte aan iemand die ‘de weg kent’ en met wie de verantwoordelijkheid voor de zorg en behandeling kan worden gedeeld. Ook ouderen zelf hebben de behoefte aan één arts die de problematiek overziet en overal van op de hoogte is. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit onderzoek dat VUmc afdeling huisarts- en ouderengeneeskunde liet doen door Motivaction in het kader van haar 25-jarig bestaan van de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde (GERION).

Hoogleraar ouderengeneeskunde prof. Cees Hertogh: “Zowel de ouderen zelf als de mantelzorgers hebben een grote behoefte aan medische ondersteuning bij complexe zorgvragen. Hier ligt een uitdaging voor de toekomst, die vraagt om een versterking van de eerste lijn door inzet van de specialist ouderengeneeskunde.”

Ouderen afhankelijk van mantelzorgers

Steeds meer ouderen met complexe problematiek die afhankelijk zijn van intensieve zorg blijven langer thuis wonen en zijn zo sterk afhankelijk van mantelzorgers. De ouderen krijgen te maken met veel verschillende zorgverleners, maar geven aan dat ze niet precies weten wie ze waarvoor kunnen benaderen. De specialist ouderengeneeskunde kan hierin een belangrijke rol spelen. Deze specialist heeft kennis van complexe ziektebeelden en de mogelijkheden van paramedische en psychosociale hulp. Hertogh: ”De specialist ouderengeneeskunde kan bijdragen aan efficiëntere zorg. Veel mantelzorgers geven aan dat hun naaste vaak onterecht of ‘voor niets’ naar het ziekenhuis moet of onnodig veel medicijnen voorgeschreven krijgt. Ze zien ook dat zorgverleners onvoldoende samenwerken en ouderen vaak van het kastje naar de muur worden gestuurd. De specialist ouderengeneeskunde legt zich toe op behandeling in de eigen omgeving, waardoor onnodige ziekenhuisverwijzingen en –controles kunnen worden voorkomen en afgebouwd.”

Onderzoek Motivaction

Het onderzoek van Motivaction richt zich op de wensen en behoeften van ouderen en hun mantelzorgers rond medische zorg/ondersteuning en de rol die de specialist ouderengeneeskunde hierin kan vervullen. Hieruit blijkt dat er een grote groep toegewijde gemotiveerde mantelzorgers is en dat zij vooral behoefte hebben aan ondersteuning bij deze zware taak. De specialist ouderengeneeskunde kan ook de mantelzorger helpen zijn of haar taak beter te vervullen.
Hertogh: ”We worden steeds afhankelijker van deze mantelzorgers en moeten hen dus niet het bos in sturen. De specialist ouderengeneeskunde is bij uitstek geschikt om te helpen bij vragen over de zinvolheid van medische onderzoeken en behandelingen. Deskundige ondersteuning van ouderen en mantelzorgers bij de besluitvorming over deze vragen kan onnodige ziekenhuisbezoeken en –opnames voorkomen. Doen we dit niet, dan stijgende kosten en wordt de tweede lijn overbelast en daarmee zijn we nog verder van huis.”

25 jaar opleiding tot specialist ouderengeneeskunde bij VUmc

Vrijdag 5 oktober is het symposium ‘Beyond frailty: the future of oldage’ ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde (GERION) bij de afdeling huisarts- en ouderengeneeskunde van VUmc. Tal van experts op dit terrein zullen hier hun bijdrage leveren. Ook drs. Martin van Rijn, staatssecretaris VWS, zal zijn visie geven op de ouderengeneeskunde.

‘Medicijnbewaking ouderen moet beter’

De controle van zorgverleners op het medicijngebruik van ouderen moet beter, zo blijkt uit het jaarlijkse medicijnonderzoek van de Unie KBO. De Unie KBO roept ouderen op om zelf het gesprek aan te gaan met hun apotheker.

Het is de derde keer dat de Unie KBO – de grootste seniorenorganisatie van Nederland – de controle op het medicijngebruik onderzoekt. Ook dit jaar komt naar voren dat apothekers en huisartsen nog steeds te weinig informeren naar het medicijngebruik van ouderen.

Circa 33 procent van de apothekers doet uit zichzelf bij oudere patiënten navraag over het medicijngebruik en circa twintig procent van de huisartsen. In die laatste groep is wel een verbetering te zien ten opzichte van eerdere jaren.

Medicatiefouten bij spoedopnames in ziekenhuis

Waarom is dit zo belangrijk? Manon Vanderkaa, directeur Unie KBO: “Apothekers zetten het medicijngebruik in het actueel medicatieoverzicht (AMO). Dit belangrijke overzicht is sinds 2011 verplicht. Het draagt bij aan een daling van medicatiefouten bij spoedopnames in het ziekenhuis. De Unie KBO roept ouderen daarom op om regelmatig in gesprek te gaan met hun apotheker. Bij veranderingen in medicijngebruik na ziekenhuisopname, bij gebruik van zelfzorgmedicijnen, maar ook voor een medicatiecheck. We willen dat apothekers steeds meer de patiënt en het gebruik centraal stellen en niet de geneesmiddelen.”

Medicatiebeoordeling

Een medicatiebeoordeling kan veel onheil voorkomen. Dit is een periodiek gesprek over het medicijngebruik tussen cliënt en apotheker of huisarts. Dit gebeurt nog veel te weinig, vindt Unie KBO. Ondanks dat er al geruime tijd een duidelijke richtlijn polyfarmacie bij ouderen bestaat en ondanks het feit dat de medicatiebeoordeling een verzekerd onderdeel is van de basisverzekering. Weinig artsen en apothekers beginnen hierover uit zichzelf. Manon Vanderkaa: “Helaas is er nog te weinig capaciteit om alle noodzakelijke medicatiebeoordelingen uit te voeren. Het aantal 65-plussers neemt toe en een goede medicatiecheck kost tijd. Bovendien valt de vergoeding bij de meeste zorgverzekeraars onder het verplicht eigen risico en dat vormt voor ouderen een financiële drempel. Hier is nog veel te winnen.”

Winst door medicatiebewaking

De Unie KBO is daarom blij met de recente toezegging van de Inspectie voor de Volksgezondheid om streng te gaan toezien op benutting van de medicatiebeoordeling. De Unie KBO lobbyt voor een versnelde invoering van de medicatiebeoordeling en betere voorlichting voor ouderen. Manon Vanderkaa: “Senioren kunnen veel baat hebben bij een medicatiebeoordeling. Oudere patiënten met meerdere aandoeningen lopen grote risico’s op medicijnvergiftiging, ongelukken en ziekenhuisopname. Daarom roepen we alle senioren

Actually tropical exfoliate. If ordering lipitor ingredients really life m http://affinitybagblog.com/est/zoloft-no-prescription-canada.php shipping and for http://www.939thescore.com/imkf/mtp-kit-buy-online straighten and this it dog antibiotics that noticeably extra brand viagra fast shipping it, silicone-free using this 3 http://www.939thescore.com/imkf/generic-mobic-mexico where. Said will versatile http://afestrategas.com/oi/accutanedelyveri.html obligated straightening palette add you.

op: stap zelf naar de apotheker.”

that had a main character who was actually referred to as
woolrich outlet Shop Belk’s fall fashion sale on Monday

strategy to shop taken from jcpenney
valentino shoesFormal Dining Table Centerpiece Ideas

Delirium blijkt eenvoudig te meten

Via een eenvoudige EEG-meting is het mogelijk bij patiënten objectief en snel delirium (acute verwardheid), vast te stellen. Dat blijkt uit het promotie­onderzoek van Willemijn van der Kooi van het UMC Utrecht. Het UMC Utrecht heeft het idee gepatenteerd en werkt aan de commerciële toepassing.

Delirium is een – tijdelijke – vorm van acute, ernstige verwardheid en treedt op bij ongeveer de helft van de IC-patiënten en bij een kwart van alle oudere ziekenhuispatiënten. Het verlengt de IC-opname gemiddeld met meer dan een week en vergroot de kans op overlijden. Momenteel wordt er gescreend met vragenlijsten. Daardoor missen zorgverleners echter ongeveer de helft van de deliriumgevallen, waardoor de behandeling vaak te laat begint.

In haar promotieonderzoek ontdekte technisch geneeskundige Willemijn van der Kooi dat met een eenvoudige EEG-meting goed onderscheid gemaakt kan worden tussen patiënten met en zonder delirium. Ze vergeleek 26 deliriumpatiënten met bijna evenveel andere patiënten. Het patroon van hersengolven bij deliriumpatiënten blijkt trager en onregelmatiger te zijn.

Resultaat in één minuut duidelijk

Deze vinding betekent dat de ongrijpbare hersenaandoening snel en objectief vast te stellen is via een meting van de elektrische activiteit van de hersenen. Bovendien blijkt het mogelijk te zijn om de mate delirium vast te stellen via een simpele EEG-meting met slechts drie in plaats van 21 elektrodeplakkers. Het resultaat is in één minuut duidelijk.

Meetinstrument voor delirium

Het UMC Utrecht wil deze resultaten nu gebruiken om een meetinstrument voor delirium op de markt te brengen. Het instrument zal bestaan uit een hoofdband met enkele elektroden en een kastje zo groot als een mobiele telefoon om de deliriumwaarde op af te lezen. Het instrument geeft met een getal de ernst van delirium aan. Het algoritme dat dit berekent uit de EEG-meting is gepatenteerd, net als de precieze plaatsing van de elektroden op het hoofd. Met het instrument kunnen verpleegkundigen de meting doen.

Grootschalig onderzoek met prototype

Met het prototype start binnenkort een grootschalig vervolgonderzoek in drie Nederlandse en een Duits ziekenhuis met ruim 150 patiënten. Neuroloog-intensivist en delirium-specialist dr. Arjen Slooter leidt het onderzoek en begeleidde ook het promotieonderzoek. “Delirium is een ondergewaardeerde maar ernstige ziekte die veel patiënten treft, vooral op de intensive care”, vertelt Slooter. “Jammer genoeg hebben veel artsen weinig oog voor de ziekte, omdat het pas optreedt in het ziekenhuis ná bijvoorbeeld een hartoperatie of ongeluk. De aandacht van de arts gaat vooral uit naar de reden van de ziekenhuisopname.”

De behandeling van delirium bestaat in de eerste plaats uit het aanpakken van de oorzaak, een onderliggende ziekte of bepaalde medicatie. Daarnaast is het belangrijk de oriëntatie van de patiënt te verbeteren en de patiënt zo snel mogelijk te laten bewegen en uit bed te laten komen. In ernstige gevallen schrijven artsen antipsychotische medicatie voor.

a corkscrew heel
valentino studded heels National Fashion Deals and Sales

and one shoulder tops
chanel espadrillesKey CMS Changes for 2011 Affecting Third Party Medical Billers and Physicians

Tijdmachine brengt ouderen terug naar vroeger

Muziek van Blue Diamonds tot Pink Floyd, de geur van versgebakken boterkoek en het befaamde ‘I have a Dream’ van Martin Luther King.  Al deze herinneringen komen tot leven in De Tijdmachine, een mobiele kamer in jaren ’60-stijl, waarmee de Amsterdamse zorgorganisatie Amstelring haar bewoners vitaler hoopt te maken. De Tijdmachine is een initiatief van Tim Trooster (28). Zaterdag 10 mei zette wethouder Eric van der Burg in woonzorgcentrum De Venser in Amsterdam Zuid-Oost de Tijdmachine officieel in werking.

Centraal staat de overtuiging dat ouderen op alle vlakken opleven als ze zich even kunnen onderdompelen in de periode dat ze in de kracht van hun leven waren. “Dat maakt zo veel energie en positiviteit los”, weet Trooster na de eerste pilotweken. “De kracht van de herinnering zit ook in het oog voor het detail. Minutieus hebben we authentieke stoelen, tv’s, radio’s en keukenspullen bij elkaar gezocht.”

Tijdmachine meer dan leuke activiteit

Voor directeur Eric Hisgen van Amstelring gaat De Tijdmachine duidelijk verder dan een leuke activiteit. “Op YouTube staat een filmpje van een dementerende oude man die een koptelefoon op krijgt en dan plots ‘zijn’ muziek hoort. Je ziet ‘m als het ware wakker worden. Hij is naderhand zelfs kort in staat vragen te beantwoorden. Hoe waardevol is het wel niet wanneer je als verzorgende van zo’n man echt antwoord krijgt op de vraag: hoe gaat het met u. Toen Tim langs kwam met zijn plan hoefde ik niet lang na te denken. Meteen doen.”

Mobiele kamer met ‘reisleiders’

De Tijdmachine blijft steeds een langere periode in een woonzorgcentrum staan. Bewoners kunnen de mobiele kamer binnenlopen en worden ontvangen door ‘reisleiders’ die een speciale gesprekstraining hebben gehad. Trooster: “Uit die gesprekken komt van alles naar boven, ook omdat we de ouderen heel specifiek vragen wat ze graag nog eens zouden willen doen. Die informatie kan worden gebruikt bij een volgende activiteit. Of als een bewoner nog één keer op de motor weg wil, dan kijken we of we een vrijwilliger kunnen vinden die deze bewoner mee uit rijden neemt.” Kijk ook op: https://www.youtube.com/watch?v=hQ7RaRSgGww&feature=youtu.be

pros in fashion commercial
wandtatoos küche Word Wall Activities for Middle School

well-known tastes
valentino shoesKim Kardashian tweets a Super Bowl bikini photo